|
De roodwangschildpad of
roodwangsierschildpad (Trachemys scripta elegans)
is een waterminnende schildpad uit de familie
moerasschildpadden of Emydidae.

De roodwangschildpad
dankt de naam aan de duidelijk zichtbare, donkeromzoomde
langwerpige helrode vlek net achter het oog. Het schild is
groen met lichtere en donkere vlekken, de randen van de
hoornplaten zijn vaak donkerder, maar de tekening vervaagt
met de jaren. Mannetjes worden maximaal 20 cm, terwijl
vrouwtjes langer dan 30 cm kunnen worden en dan rond de 2
kilogram wegen. Mannetjes zijn naast het kleinere lichaam
van vrouwtjes te onderscheiden door de veel langere nagels
aan de voorpoten, dikkere staart en meestal grotere en meer
afstekende rode vlek, hoewel dit laatste niet altijd te zien
is
De roodwangschildpad is
een bekende verschijning omdat deze ondersoort veelvuldig
gehouden werd als huisdier. Tegenwoordig wordt deze
schildpad niet meer zo massaal verkocht, mede doordat de
import tegenwoordig verboden is. Omdat veelal kleine
kinderen in het dier geïnteresseerd waren, en de schildpad
meestal met een kant-en-klaar, maar vrij klein 'aquarium'
werd verkocht, zijn een groot aantal in gevangenschap
gehouden exemplaren niet erg oud geworden. Deze leefomgeving
bestond veelal uit een ronde plastic bak met een diameter
van 30 - 50 centimeter, en een klein eilandje in het midden,
vaak met een plastic palmboom als decoratie. Net uit het ei
gekropen dieren kunnen enige tijd overleven in een
dergelijke behuizing maar na een jaar heeft de schildpad
behoefte aan een echt aquarium met een groot watergedeelte
en een eveneens behoorlijk landgedeelte met warmtelamp.

De roodwang
sierschildpad heeft het liefs een aquarium waarvan driekwart
bestaat uit water en de rest uit 'land'. Minimale vereisten
aquarium: Voor de grootte van het aquarium kan men uitgaan
van 10 x de lengte van de schildpad. De diepte van het water
kan het beste 2 1/2 keer de lengte van de grootste schildpad
bedragen. Zo kunnen de dieren onder water omkeren. Boven het
landgedeelte hangt men een warmtelamp (op zo'n hoogte dat de
schildpad zich niet kan verbranden), De bodem van het
landgedeelte hoort hellend aangelegd te zijn. Leg bij
voorbeeld aan de rand kunstgras of stenen, hierdoor kan de
schildpad gemakkelijker op het land kruipen. Zet het liefst
geen planten in de bak. Indien men toch planten in de bak
plaatst zorg er dan voor dat het geen giftige planten zijn
want schildpadden eet bijna altijd de planten op.
Meest optimale aquarium:
Te denken valt aan een groot watergedeelte
van minstens 2 vierkante meter per dier, een
waterdiepte van minstens 20 centimeter en
een gedeelte waar het dier kan zonnen. Hoe
groter en natuurlijker de behuizing, hoe
sneller de schildpad zal groeien, al is een
goede voeding ook van grote invloed. De
echte liefhebber maalt daar niet om en biedt
de schildpadden een zowel voedselrijke als
natuurgetrouwe omgeving zodat de dieren zich
voortplanten en nageslacht produceren.
De roodwangschildpad zwemt
graag, maar is ook dol op zonnen. Het
landgedeelte kan het best verwarmd worden
met een lamp in plaats van een warmtemat.
Dit vanwege de gewoonte van de schildpad om
de poten als zonnepanelen te gebruiken door
de achterpoten op te heffen en deze zo breed
mogelijk te maken. Een TL-lamp die af en toe
aanstaat bevordert de gezondheid, beter is
nog een speciale 'reptielenlamp' die de
ideale lichtsoorten uitstraalt maar ook duur
is. Dit is een UV-B lamp die de zon
nabootst, een tl-buis is ongeschikt
Zorg altijd voor schoon
water, dit is erg belangrijk. Een pomp met een goed filter
zorgt daarvoor. Neem een pomp met voldoende capiciteit.
Verder dient het water vaak ververst te worden. Het water
mag niet zuur of alkalisch zijn ! Vaak is het aan te raden
de schildpad buiten het aquarium te voeren omdat
schildpadden vaak tijdens het eten hun ontlasting kwijtraken
en zo het water vervuilen. Vul bijvoorbeeld een afwasteiltje
met een laag water. Geef het dier voldoende tijd om zijn
eten op te eten (1/2 - 1 uur) en plaats het dan terug in
zijn aquarium.
Opgelet: niet alle
soorten verdragen het overplaatsen naar een andere omgeving
! De water temperatuur moet overdag 25 graden zijn; 's nacht
eventueel een paar graden lager. De luchttemperatuur moet
hoger zijn dan de watertemperatuur, 30 graden is goede
temperatuur. In de winterperiode mag dat een paar graden
lager zijn. het water kan men behulp van een dompelaar, met
thermostaat verwarmen. Boven het landgedeelte kan men een
(ultraviolet) lamp hangen. Of zet het aquarium in het
zonlicht. Opgelet: Vensterglas laat geen UV-licht door, een
lamp is dus aan te bevelen. Zorg verder voor een goede
ventilatie.
De roodwangschildpad is een
alleseter die graag planten eet zoals groene
bladeren, maar ook diverse groenten en
fruit. Een groot deel van het menu bestaat
in het wild uit vissen, wormen en slakken,
en ook aas wordt wel gegeten.
Voeding
(gevangschap):
-
Het
meest geschikte voer voor roodwang
sierschildpadden is kattenvoer. Geef ze
geweekte brokken of blikvoer en vul dit
aan met
-
de
volgende voedingsmiddelen:
-
Cottage cheese
-
(meel) wormen
-
Ongepelde, gebroken garnalen
-
Schildpadvoer (niet als hoofd voedsel)
-
Waterkers en vers fruit
-
Waterplanten
-
Watervlooien
-
Schildpadden zijn gek op kattenvoer
Jonge
dieren kan men het beste bijvoeren met mager
vlees, lever, tubifex en watervlooien. Jonge
dieren voert men 1 a 2 keer daags,volwassen
dieren dieren 2 - 3 per week. Overvoer de
schildpadden niet !

Natuurlijke vijanden van
roodwangschildpadden zijn grote rovende
vissen, krokodilachtigen en grotere
roofvogels. Roofvogels als reigers lusten
waarschijnlijk geen roodwangschildpadden
omdat ze te rond en te hard zijn en een
reiger de prooi niet kan verscheuren met de
poten of snavel. In de Nederlandse natuur
komen veel natuurlijke predatoren zoals
krokodillen echter niet voor en heeft de
roodwangschildpad weinig vijanden. De enige
verdediging van de schildpad is de bek, die
bij grotere exemplaren maar beter ontzien
kan worden vanwege de krachtige kaken en de
gekromde, puntige en vlijmscherpe bek-rand

Geslacht onderscheid:
mannen hebben lange nagels aan de voorpoten, een grotere
staart en een zeer ondiep kuiltje in het buikschild.
De dieren paren meestal
kort na de winter, maar ook vaak na een waterverversing.
Tijdens de paring bijt het mannetje het vrouwtje in de nek,
waarbij wonden kunnen ontstaan.
In maart tot mei leggen
de dieren een tot drie keer, met tussenpozen van een maand,
ongeveer 4-20 eieren. Soms worden de eieren pas na een
verversing van het substraat in de legbak (vaak vochtig
zand) gelegd. Bij 28 a 30 C komen ze na 65 tot 105 dagen uit
Fok de jongen op in een
klein aquarium, waarin een land gedeelte b.v worde gevormd
door opgestapelde leistenen. Boven het landgedeelte moet een
spot branden zodat de schildpadden zich plaatselijk t0t 35 C
kunnen opwarmen en goed kunnen opdrogen. Het water moet
ongeveer 25 C zijn. De jonge schildpadjes hebben een schild
van ongeveer twee cm groot en groeien snel. Voer hetzelfde
als de aan de ouders. Jonge schildpadden hebben een grote
behoefte aan calcium en Vit3, volwassen dieren veel minder !
-
Veel voorkomende
ziekten:
-
Dichtzittende ogen
wijzen op verkoudheid en/ of vitamine A gebrek.
-
Het schild moet
stevig en onbeschadigd zijn. Behalve bij zeer jonge
dieren, wijzen zachte schilden op rachitis (Engelse
ziekte).
-
Beurse plekken in
het schild duiden op schildrot.
-
Ademen met open bek
en belletjes op de neus duiden op een longaandoening,
evenals scheef in het water liggen
|